Het onlogische advies van 5% gewichtsverlies

Dikke mensen zijn ongezond. En als ze het niet zijn, dan hebben ze in ieder geval veel kans om het te worden. De algemene aanbeveling is dan ook dat dikke mensen 5% van hun gewicht moeten verliezen, want dat zorgt voor heel wat gezondheidsvoordelen.
Dat is in ieder geval de consensus die er lijkt te heersen onder de ‘experts’. Maar als je dat advies meer in detail bekijkt, dan is het toch weer veel onlogischer dan ze ons willen doen geloven.
Dalende drempel
Die 5% gewichtsverlies is niet altijd de standaard geweest. Eerst waren er de tabellen met het ‘ideale’ gewicht, daarna moest het BMI verlaagd worden, nog later was 5 tot 10% gewichtsverlies wenselijk, en tegenwoordig is de standaard 3 tot 5%. En uiteraard was er bij elke nieuwe maatregel wetenschappelijk bewijs voor gezondheidswinst, ook al verlaagt de drempel elke keer.
Logisch trouwens dat de standaard telkens lager wordt, want een gewichtsverlies van 5% is al heel moeilijk en naar een lagere BMI-categorie gaan heeft nóg minder kans op succes. We weten al heel lang dat gewichtsverlies op lange termijn niet haalbaar is en de aanbevelingen lijken zich daarop aan te passen.
Vicieuze cirkel
Het criterium voor de aanbeveling van 5% gewichtsverlies is BMI. Dit advies wordt namelijk gegeven aan mensen met ‘obesitas’. Als deze mensen 5% van hun gewicht verliezen, zitten de meesten nog altijd in de categorie ‘obesitas’. Volgens de aanbeveling moeten die mensen dus ook op hun lagere gewicht opnieuw 5% gewicht verliezen om opnieuw gezondheidswinst te behalen. Want de BMI zegt dat dikke mensen ongezond zijn.
Maar als 5% gewichtsverlies al aanzienlijke gezondheidswinst oplevert, waarom gebruiken we BMI dan nog? Op die manier moeten mensen telkens opnieuw 5% van hun gewicht verliezen, tot ze in de ‘normale’ BMI-categorie zitten, wat amper haalbaar is, zoals we al vermeld hebben. Dat die twee dingen gelinkt blijven zorgt voor een vicieuze cirkel waar je niet uit geraakt.
Concreet voorbeeld
Laten we dat eens bekijken met concrete cijfers, zoals Ragen Chastain dat zo mooi heeft aangetoond. We nemen als voorbeeld een vrouw van 1m65 die 100 kg weegt. Zij heeft een BMI van 36,7 en valt daarmee onder de categorie van ‘obesitas’. Ze heeft type 2 diabetes met een HbA1c-waarde van 7,3 (de grens voor diabetes is een waarde van 7). Als zij naar de dokter gaat, krijgt ze de aanbeveling om 5 tot 10% van haar gewicht te verliezen, omdat ze daarmee haar glucosewaarden kan verbeteren. Stel dat het haar lukt om 10% gewichtsverlies te behalen, dan weegt ze 90 kg, heeft ze een BMI van 33,1 en zit ze nog altijd in de klasse ‘obesitas’.
Voorbeeld 2 is een vrouw van 1m65 die 90 kilo weegt. Zij heeft een BMI van 33,1 en valt daarmee onder de categorie van ‘obesitas’. Ze heeft type 2 diabetes met een HbA1c-waarde van 7,3. Haar dokter geeft haar de aanbeveling om 5 tot 10% van haar gewicht te verliezen, omdat ze daarmee haar glucosewaarden kan verbeteren. Stel dat het haar lukt om 10% gewichtsverlies te behalen, dan weegt ze 81 kg, heeft ze een BMI van 29,8 en zit in de klasse ‘overgewicht’.
Voorbeeld 3 is een vrouw van 1m65 die 81 kilo weegt. Zij heeft een BMI van 29,8 en valt daarmee onder de categorie van ‘overgewicht’. Ze heeft type 2 diabetes … Enzoverder enzovoort.
Vage grens
Stel je dan nu een vrouw voor van 1m65 die 68,5 kilo weegt. Daarmee heeft ze een BMI van 25,2 in de categorie ‘overgewicht’. Haar HbA1c-waarde is net zoals in de andere voorbeelden 7,3. Volgens de richtlijnen moet ook zij de aanbeveling krijgen om 5 tot 10% van haar gewicht te verliezen om haar glucosewaarde te verbeteren.
Maar als zij 1 kilo afvalt, zit ze niet meer in de categorie ‘overgewicht’ en zou ze het advies van 5 tot 10% gewichtsverlies niet krijgen. Is die 5 tot 10% dan ineens niet meer geldig? Is 1 kilo dan voldoende om haar suiker te verlagen?
Je vindt dit misschien een extreem voorbeeld, maar laten we eens heel duidelijk een vergelijking maken. Een vrouw van 1m65 die 67,5 kg weegt en een HbA1c-waarde heeft van 7,3 komt bij de dokter. Zij heeft exact dezelfde diagnose en glucosewaarde als een vrouw van 1m65 die 105 kg weegt. Maar omdat de eerste vrouw een ‘normaal’ BMI heeft, krijgt zij niet de aanbeveling om gewicht te verliezen en wordt er onmiddellijk gezocht naar een medische interventie. De tweede vrouw krijgt – hopelijk – ook medicatie én moet daarnaast afvallen, wat waarschijnlijk niet gaat lukken op lange termijn en zorgt voor stress en jojoën, wat dan ook weer gelinkt is aan bepaalde gezondheidsaandoeningen.
Ongelijke zorg
Veel dikke mensen krijgen te horen dat ze eerst moeten afvallen voordat ze zorg krijgen. Dat is echt geen uitzondering. Wij betwijfelen dan ook dat zorgverleners het gaan houden op die ene aanbeveling van 5% gewichtsverlies. Als dikke mensen 5% van hun gewicht verliezen, gaan dokters echt niet ineens stoppen om het over gewicht te hebben.
Zolang de focus blijft liggen op gewicht – of het nu op basis is van BMI of percentages – is er ongelijkheid in gezondheidszorg voor dikke mensen. Het advies van 5% gewichtsverlies houdt dus even weinig steek als de BMI: beide systemen moeten van ons gewoon de vuilbak in.
Andere blogartikelen
Het échte probleem van de ‘obesogene’ omgeving
Dikke mensen mogen vandaag de dag niet gewoon dik zijn. Nee, er moet een reden zijn waarom je dik bent. Er moet uitgelegd kunnen worden waarom er steeds meer dikke mensen leven in de wereld. Want een ‘obesitasepidemie’ verspreidt zich nu eenmaal niet zomaar. En de...
Wat ‘experts’ niet snappen over gewichtsstigma
Gewichtsstigma is een probleem in onze maatschappij. Wij strijden actief om dit te veranderen en ook ‘obesitasexperts’ willen dat stigma stoppen. Alleen zorgen de oplossingen van de ‘experts’ voor nog meer stigma, hoewel ze dat zelf niet zien. (Het is een lang...
Calorieën in, calorieën uit: niet zo simpel als het lijkt
Afvallen is een kwestie van meer calorieën verbranden dan je binnenkrijgt. Heel simpel, zo lijkt iedereen te weten. Maar dat is natuurlijk alleen maar de theorie. In de praktijk zit het allemaal wat anders in elkaar ... Eenvoudige wiskunde Het concept van calorieën in...



